menu_icon

Mag billen knijpen?

10 september 2009 Opinie Publicaties

De Hoge Raad heeft in zijn arrest van 10 juli 2009(1) bepaald dat niet de ervaring van het slachtoffer doorslaggevend is of er sprake is van seksuele intimidatie. De media maakt er ten onrechte van dat billen knijpen mag.

De feiten

Bij de kerstborrel in een met kaarsen verlichte ruimte werd een mannelijke werknemer door zijn directeur in zijn billen geknepen, onder toevoeging van ondermeer de woorden “darkroom””.
Deze werknemer diende na de jaarwisseling een schriftelijke klacht bij het bestuur op grond van seksuele intimidatie. Het bestuur berispte vervolgens de directeur, die overigens meteen na het ontvangst van de klacht zijn excuses aan de werknemer heeft aangeboden. De werknemer meldt zich vervolgens ziek en blijft dat totdat de arbeidsovereenkomst op 1 juli 2004 wordt ontbonden met toekenning van een vergoeding van € 68.000,–.
Vervolgens gaat de werknemer smartegeld vorderen. In deze slepende zaak wordt uiteindelijk vastgesteld door de Hoge Raad dat de werknemer geen schadevergoeding toekomt, omdat niet is vastgesteld dat er sprak is van seksuele intimidatie.

Begrip seksuele intimidatie

Dat oordeel van de Hoge Raad komt vreemd over. Immers in de gehele procedure stond het feit vast dat er in de billen geknepen is. Maar het Hof was van mening dat deze aanraking geen seksuele intentie had nu de directeur dit deed in het openbaar en beiden meteen na de aanraking in de lach schoten. Het was dus een grap. Het verweer van de werknemer bij het Hof, welke hij herhaalde bij de Hoge Raad dat de ervaring van het slachtoffer bepaald of er al dan niet sprake is van seksuele intimidatie werd verworpen. In de wet(2) wordt het begrip seksuele intimidatie op een objectieve manier beschreven. Dus niet het subjectieve gevoel van het slachtoffer is maatgevend, maar het gedrag wat naar algemene maatstaven en inzichten leidt tot de vaststelling dat er sprake is van seksuele intimidatie.

Gevolgen

Juridisch is de uitspraak van de Hoge Raad wel te volgen. Als het gevoel van het slachtoffer doorslaggevend wordt kunnen we ook allerlei “onzinclaims” verwachten. Daar is nu een rem op gezet. Maar er is nog iets anders gebeurd. In de media heeft deze uitspraak aandacht gekregen vaak onder kopjes, zoals ”Billen knijpen mag.” Het is duidelijk dat de Hoge Raad die aanbeveling niet hebben gedaan. Er is enkel vastgesteld dat in dit specifieke geval de aanraking redelijkerwijs niet kon opgevat worden als seksuele intimidatie en er dus geen grond is voor betaling van een smartegeld.

 

Mr. Bert Tol, september 2009

 

Arbeidsrechtjurist te Zwolle

Bureau Arbeidsrecht      tel. 038-45 35 025    info@berttol.nl     www.berttol.nl

 


 

1) Vindplaats www.rechtspraak.nl, LJ nummer: BI 4209
2) Art. 7: 646 BW lid 8 : Onder seksuele intimidatie wordt verstaan: gedrag dat met het geslacht van een persoon verband houdt en dat tot doel of gevolg heeft dat de waardigheid van de persoon wordt aangetast en dat een bedreigende, vijandige, beledigende, vernederende of kwetsende omgeving wordt gecreëerd.

bracket

Op de hoogte blijven van veranderingen in het Arbeidsrecht en het overeenkomstenrecht voor ZZP'ers? Laat hier uw e-mailadres achter en ontvang enkele malen per jaar onze digitale Nieuwsbrief.